Ik heb er echt een enorme hekel aan. Van die échte moeder-moeders. Van die lijmplakkende, watervervende, kleirollende, buitenspeel moeders. Van die moeders die werkelijk álles leuk vinden aan hun kleine grut. Die het hélemaal het einde vinden om de hele week alleen maar tijd te besteden aan hun grote wonder. Het allerergste aan die categorie moeders is toch wel dat er geen ander onderwerp lijkt te bestaan dan kinderen. Iedere zin, ieder woord dat uit die monden komt heeft op wat voor manier dan ook een link met het ouderschap.
Nee, dan ik. Zelfbewuste jonge vrouw, ook waarde hechtend aan een eigen leven naast het zijn van moeder. Die nog meer is dan de "mem van". Die zich vol overgave op haar werk stort. Nee, zo'n moeder die alleen over kinderen praat ben ik niet. Dacht ik. Tot voor kort. Want sinds ik weer zwanger ben lijkt elk gesprek op een slinkse wijze toch uiteindelijk weer over baby's te gaan. We kijken naar een docu over armoede in Amerika, waarop mijn eerste bijdrage is om iets te roepen over het percentage tienerzwangerschappen in dat land. We voeren een gesprek over een stel waarbij zij nét iets dominanter is dan hij, en ik begin over hoe hun kinderen er dan wel niet uit zouden gaan zien.
Walgelijk gewoon. Alsof er niets anders gebeurt in de wereld dan wat mijn kind deze week weer heeft gepresteerd. Nee zo zou ik niet zijn. Tot ik 's avonds lekker op de bank lig, met mijn hand op mijn dikke buik. Ik denk aan het jongetje dat in mij groeit, dat hij toch wel de allermooiste en liefste moet zijn. Dat hij net zo fantastisch zal zijn als het jongetje dat boven ligt te slapen. Maar dat hardop lopen te verkondigen, dat dan weer niet. Je kunt ook té ver gaan natuurlijk.
Er lagen nog twee hele weken 2009 voor ons, toen wij onze keuken bestelden. Tien weken levertijd, dus in week 8 van 2010 konden wij onze nieuwe keuken met open armen ontvangen. 'Dan hebben we lekker veel tijd om de benedenverdieping aan te pakken.' 'Mooi, zo'n ruime deadline.' Allemaal smoesjes om niet te hoeven zeggen dat we het jammer vonden, die tien weken.
Maar nu over vier dagen de keuken-bezorger ons volgende project komt afleveren beginnen we wel ietwat de zenuwen te krijgen. Tegels wegslopen, plintjes verven en plafonds witten is helemaal niet zo leuk namelijk. Stopcontacten aanleggen, meterkast vervangen... Waarom hadden we ook weer dit huis gekocht met het idee het van binnen helemaal te strippen? Wat zei je? Dat leek ons LEUK?
Netto hebben we nog drie dagen over om het huis keuken-klaar te maken. Sleuven moeten nog gefreesd, de vloer moet er in en, oh ja, achter de keuken komt glasvezelbehang. Dat we ook nog moeten sauzen met afneembare saus in 'zacht kiezel'. De oude keuken moet er, inclusief saaie tegelwand nog uit en we moeten de structuurverf nog uitvlakken voor er behang overheen kan. *Zucht...*
En dan heb ik het nog niet eens over het feit dat zaterdag ook de nieuwe HR ketel geïnstalleerd wordt. En dat we nog tegels en een roestvrij stalen plaat moeten regelen voor de keuken. En dat er voor de afzuigkap nog een gat in de muur moet. En dat de luchtafvoer verder ook nog aangelegd moet worden. En dat we nog niet weten wat voor licht er onder de keukenkastjes komt. En. En...
Waar is John Williams als je hem nodig hebt. Want: Help, Wij Zijn Klusser!
En daar zijn we dan weer. Inmiddels moeder van een tweejarig zoontje en zwanger van de tweede. Dat ik ooit nog zo gelukkig zou zijn met mijn studie Communicatie, kon ik toen nog niet vermoeden. Want de gesprekken die Jesper met mij aan probeert te knopen, vragen iets van je capaciteiten qua taalbegrip.
Er zitten steeds meer woorden bij die ik kan verstaan. Onder andere pappa, mem, opa, oma, beppe, pake en een restje woorden waarvan ik liever zou zien dat ze wat worden bijgeschaafd. Zo klinkt zijn versie van zitten verdacht veel als tieten. En als hij onder de douche staat met pappa, al hinnekend naar pappa's middel wijst en puta (Spaans voor "Hoer") zegt, vraag ik me af of hij iets weet over pappa wat ik nog niet weet.
De topper volgde vandaag. Na een onfortuinlijke smak op de salontafel met een dikke lip en bloedend tandvlees als gevolg, was de woede al snel op mij gericht. Het waren immers mijn voeten waarover meneertje struikelde. Met een blik die eenvoudig had kunnen doden brieste hij "punani" in mijn richting! Enig googlen leerde me dat dit woord in het Jamaicaans "Vagina" betekent. Nou ja, hij heeft in ieder geval mijn gevoel voor taal meegekregen...
'Zo ontzettend goor vind ik dat!' Het gesprek ging over roken in huis. En vervolgens over roken in de kroeg. 'Ja, je bent het niet meer gewend hè. Ik douche me nu ook voor ik mijn bed ik kruip.' Instemmend knikken rond de tafel. Smerig ja, dat is het. 'Je voelt het ook zo he, de volgende ochtend. Dan heb je er helemaal een rauwe keel van.' Vies, smerig, bah. En dat er dan nog kroegen zijn die het toelaten. Jakkes.
Het onderwerp verliest luisteraars, ze draait zich om naar haar vriend. 'Kom, gaan we even één roken.'
Nina probeerde het op zuurstokroze.nl. Des blogde wel eens iets op hyves. Heel soms en vooral weinig bevredigend. Afstuderen en die echte baan. Ons leven op de kop, ondersteboven. Binnenstebuiten. Huisje, boompje en een beestje. Of een paar beestjes. Voor Des zelfs een kindje. En nu een tweede. We zijn gegroeid en 2wmd1 paste al lang niet meer.
Dronken inkijk-kiekjes, chatten met Kor (Ohjawel.nl), Des, Nina en Gryts (Bloodyhell.nl) over vanille vla... Het behoort allemaal tot de verleden tijd. Verliefd op mannelijke bloggers, niets meer van dat alles. We hopen niet op nare break-ups en ook niet op tongworstelen in kroegen met te veel glazen lenzen. Eens in de week drinken we samen thee. En dan hebben we het er eens over.
Toen was er jeuk... Kriebels en een pen. En krabbelen helpt niet. 'Zullen we...' 'Ja, goed idee!' Zo geschiedde. Of beter: zo geschiedt. Hier zijn we weer. Nina en Des (de nicknames horen hier), samen. Want ja: twee weten meer dan één! Weblogcolumns uit het vrouwenleven gegrepen. Elke week een column van elk. Een verlaat voornemen.
- « Vorige Pagina
- 1
- Volgende Pagina »